JOHANN SEBASTIAN BACH (1685-1750)

De grote Johann Sebastian Bach (1685-1750) wordt tegenwoordig beschouwd als eind- en hoogtepunt van de Barokperiode.

Lees verder..

WEBLOG

Sebastiaan van Eck

Vreugde, verwachting en zorg...

door Sebastiaan van Eck, cellist van de Radio Kamer Filharmonie

Op zaterdag 15 november a.s. speelt speelt 'mijn' Radio Kamer Filharmonie zijn eerste bijdrage aan de Bach-cyclus van de ZaterdagMatinee. Voor een cellist met zijn wortels in het veel meer symfonisch ingestelde Radio Symfonie Orkest een bijzondere ervaring: Bach spelen op je werk was mij in mijn bijna 30-jarig dienstverband bij het Muziekcentrum van de Omroep nog niet gegeven!

Mijn vreugde werd nog groter bij het lezen van het repertoire van ons programma. Het spelen van Bachcantates is mijn favoriete bezigheid (hoe gek dit voor een hartstochtelijk strijkkwartetcellist mag klinken). Tot nu toe waren mijn Bachcantates altijd met (meest goede) amateurkoren, hoe veel mooier zal het resultaat worden met het gespecialiseerde Cappella Amsterdam. Met name Cantate nr.106 is mijn absolute lievelingsstuk, ongelofelijk dat dit werk op mijn dienstlijst is komen te staan!


Bach schreef zijn Cantate nr.106, ook wel 'Actus Tragicus' genoemd op 21-jarige leeftijd, waarschijnlijk voor de begrafenis van een bekende. Het stuk is van begin tot eind geniaal. Het is 20 minuten pure troost, het kan niet anders dan dat je bij het beluisteren van dit werk de dood als onontkoombaar en bevrijdend moet accepteren. Al in de instrumentale inleiding, een kort adagio van slechts 20 maten, lossen pijn en verdriet zich op en voelen we een warme, troostrijke arm om ons heen. De volgende delen, op passende tekst, versterken het beeld en na de ruim 20 minuten zijn we verzoend met het onvermijdelijke eind van het aardse leven. Deze cantate moet op mijn begrafenis klinken! Maar... met welke uitvoering? Hier stuit ik op een groot raadsel.


Veel muziek, met name de mooiste (en met name die van Bach!), is niet kapot te krijgen. Wie het ook speelt, hoe slecht de tempi ook gekozen zijn, het maakt niet uit. De Matthäus-passion, de beroemde Air, het Dubbelconcert missen hun uitwerking nooit. Zelfs mobieltjes met de Pachelbel-kanon of een Bach-toccata kunnen mij nog ontroeren. Dit geldt echter niet voor Cantate nr.106. Ik heb vele uitvoeringen beluisterd en de meeste konden voor mij direkt naar de prullenmand! Hoe kan het zijn dat mijn absoluut favoriete werk zo kwetsbaar is? In mijn beleving werkt er maar één tempo, één zeer speciale balans die ik maar op één opname gevonden heb: die met Gustav Leonhardt met Frans Brüggen (op blokfluit!). Kan een dergelijk fragiel werk in de Grote Zaal? Kunnen de Viola da Gamba's en de blokfluiten in zo'n wereldlijke omgeving het aardse ontstijgen? Is dit wel concertmuziek of hoort muziek met deze lading niet daar te blijven waarvoor hij geschreven is: in een kerkelijke omgeving bij de dood van een dierbare? Als ik aan al deze dingen denk voel ik zorg, ik denk dat het haast niet anders kan dan dat ik bij mijn verwachting haast wel teleurgesteld moet worden. Maar gelukkig is het laatste woord aan Frans Brüggen. Kan hij, dit keer als dirigent, de magie opnieuw tot klinken kunnen brengen? U hoort meer van mij na het concert.


Sebastiaan van Eck

REACTIES

Er zijn nog geen reacties.

REAGEER

Typ de antispamcode over